Elk weekend ga ik bij de lokale buurtsuper een paar croissantjes en een stokbrood halen. Puur voor het vakantiegevoel. De supermarkt is volgens mij alleen in de zomer open, dus vraag ik me af hoe ze kunnen overleven… En hoe oud de boontjes uit blik zijn…
Het is heerlijk om te zien hoe de Spanjaarden boodschappen doen, want buitenlanders vind je hier bijna niet. Die gaan liever naar de Mercadona of de Lidl, waar het gewoon een stuk goedkoper is. Maar de Spanjaarden dus niet. De vrouw bij de vleeswaren is tevens kassière en kent iedereen. Met als gevolg dat je staat te wachten totdat ze uitgepraat zijn over Juan van de overkant. Tijd hebben ze in overvloed, al hebben ze een gruwelijke hekel aan wachten. Als een Spaanse oma de winkel binnenkomt pakt ze een zak manderijnen en legt die in de rij voor de kassa. Dan kan ze tenminste rustig winkelen en als ze klaar is… direct afrekenen…. Ik durf tegen die oude dametjes niets te zeggen, maar als het echt te lang duurt, schuif ik het hele zaakje maar aan de kant.
Op de een of andere manier smaakt het stokbrood van zo’n buurtsuper toch altijd net iets beter dan van een grote supermarkt waar ze je aanspreken met “Hello!”. Dan maar een paar euro meer…..
Spanje staat bekend om zijn fiestas. Opgeteld zijn het er meer dan 3000 en je kunt dus elke dag wel ergens een feest vieren. Elk dorp, hoe klein ook, heeft zelfs zijn eigen feesten en eert zijn heiligen.
Het meest bekende en grootste feest van Spanje is natuurlijk Semana Santa, de heilige week.
Gedurende zeven dagen is Spanje in de ban van de festiviteiten rondom de heiligen. Semana Santa is een traditie die jaar na jaar herhaalt; een tijd waarin de nieuwsgierigen en toegewijden samen in de processie deelnemen in alle straten en pleinen, waardoor het gevoel van een openluchttempel onstaat.
De “costaleros ‘ dragen het gewicht van de praalwagens en hun gebeeldhouwde voorstellingen van de bijbelse scène. Deze worden geleid door de opzichter of het hoofd van de groep die ervoor zorgt dat de processie wordt uitgevoerd met een maximale inzet en volgens de traditie. Alleen daardoor zijn in staat om dit urenlang vol te houden.
Het hoogtepunt van de stoet is wanneer de processie uit de desbetreffende kerk komt. Dit is het moment waarop kunst en religie samen lijken te smelten tot een.
De hele parade wordt levendig gemaakt dankzij de kleuren, geluiden, en dankzij de verscheidenheid van tunieken, kappen en vlaggen. Emoties worden losgemaakt door de trage ritmische klanken van de drums en processie-marsen, het wiegende tempo van de dragers en het schrijnende gejammer van de ‘Saeta’, een heilig lied, vergelijkbaar met de flamenco en gezongen door de Heilige Week processies.
Zelfs als je niet religieus, is het moeilijk om niet te worden ontroert, zo aangrijpend is de sfeer.
De grote variaties van Semana Santa worden bepaald door de historische ontwikkeling van de religieuze feesten en, vooral, door folkloristische tradities die het karakter bepalen. Malaga en Sevilla zijn de twee steden in Andalusië waar de festiviteiten zijn misschien het best bekend zijn, door het pure gevoel van spektakel en grootte.



